“Mama, waarom is alles hier kapot” 

Een knappe vraag uit de mond van ons 6 jarige denkertje die uit het raam tuurt tijdens onze 4 uur durende reis naar ons vakantieoord voor dit weekend. Hij valt goed op met zijn halflange blonde haar tussen de donkere hoofden in de bus.
Wij allemaal trouwens. We reizen met openbaar vervoer naar de kustplaats Kribi. Hemelsbreed zo’n 130 kilometer van het schip vandaan. We verruilen onze veilige hut voor het onbekende.
Om de zee weer te zien, te ontspannen en om te gast te zijn in Zack’s familie. Zack is Gertjans Kameroense dagloner, zijn collega.
Hij heeft gelijk, veel van wat we zien is kapot of niet af. Velden met omgekapte bomen, gammele huizen, rondzwervend schoeisel, plastic en ander afval, verroeste wielloze voertuigen, een aan flarden gewaaide vlag. Het geeft een troosteloze indruk.
Schuilt niet diep in ons het verlangen om schoonheid te zien? Ongereptheid, iets wat puur is, wat mooi is? Het zien van zoveel kapotte, schamele en vieze dingen ziet, klopt niet in zijn ogen.
Hij heeft gelijk. Wat is er hier te zien van  Hij zag dat het goed was, ja zeer goed?
Het contrast is groot tussen de grauwheid van de miljoenenstad waaruit we vertrokken en de schoonheid van de natuur onderweg en in Kribi. Na 4 uur reizen komen we om 11 uur ’s morgens aan. Goed op tijd voor de lunch. Er lopen veel kinderen en we worden enthousiast begroet door stralende warme glimlachen en bonjours.
We verkennen de compound, genieten van het kraaien van de haan en de klokkende hen die met haar kuikentjes rondscharrelt. Op het diepste punt achter de huizen is helder stromend water waar meisjes emmers waswater halen. En er bloeien bloemen, wat mooi!
De kinderen zijn toe aan vrijheid en wat ongetemde wildheid. Dus eerst nog maar even naar de zee, aan de andere kant van de weg.
Hard spelen na hard werken.
We kijken met zijn allen een hele tijd naar een krab die in de branding op het strand gespoeld wordt, oogjes omhoog en roetsjj weer in zijwaartse krabbengang het water in rent.
Yeva en Zacks zoon blijven manmoedig in de golven springen en laten zich dan weer pochend en lachend in de branding het strand op rollen, tot de schaafwonden op hun knieën zitten. Een genot om naar de kijken. De meisjes vermaken zich met gevonden  speelgoed. Een lege Listerinefles en kleine groene vruchtjes van een boom.
Na de lange heenreis en een paar uur spelen in de zee, verlangen we naar de lunch, het is 3 uur en ons geregelde eetpatroon kent weinig rek. Onze gastvrouw komt net met hete kooltjes aangelopen om het vuurtje in de keuken op te rakelen. die nog met de kinderen op de binnenplaats van de compound spelen gereed om kwart voor 4. Na afloop debatteren ze nog of het dan avondeten is en of we dan middageten hebben overgeslagen, of dat dit het middageten is en of we dan het avondeten overslaan.
Krukels rapen en eindeloos in de golven duiken en gebroederlijk spelen in het zand. De indruk die Kribi achterlaat is heerlijk. Een oord om te ontspannen aan het strand bij het geluid van rollende golven. We kunnen achteraf makkelijk het versleten gevoel vergeten wat een paar dagen weg, kan geven. Al moe op weg gaan en dan alle indrukken en 3 vragende kinderen. Zullen we dat kopen wat hij heeft? Wanneer gaat de bus weg? Mama, espe knijpt. Ik heb trek, ik heb dorst. Het stinkt. Waarom mag ik daar niet aan zitten? Wat duurt het lang, mag ik mijn schoenen uit, mag ik nog meer eten? Heb je iets meegenomen om te doen? Gaat de bus al bijna rijden? Hé een hagedis! En dan, na drie kwartier wachten, begint de motor te pruttelen. Bussen gaan pas rijden als ze vol zijn hier.
Hoogtepunten;
Op de taxibrommer, wat leuk!
Verse vis, klaargemaakt in het keukentje op een kolenstoofje, geserveerd met bakbananen en dan eten met onze handen.
Couchsurfen, mama en alle kinderen op een tweepersoonsbed, GJ op de bank.
 

Laat een Bericht achter


Also published on Medium.

Reageer